RENOVATIE

 

voor & na: haute-couturerenovatie van erfgoedwoningen

 

In 1964 bouwde De Meetjeslandse Bouwmaatschappij voor Volkswoningen een nieuwe tuinwijk van 40 woningen in de Guido Gezellestraat in Eeklo.

Met hun strakke vormgeving, platte daken en kleurrijke compositie van deuren raampanelen oogden deze woningen fris en uitgesproken modern voor hun tijd. In 2009 werd de wijk als representatief geheel opgenomen in de inventaris Onroerend Erfgoed.

 

 

Vooruitstrevend ontwerp met erfgoedwaarde

 

De wijk is een ontwerp van de Eeklose architecten Louis Geirnaert en Paul Bekaert. Vooral architect Louis Geirnaert liet in de regio Eeklo een kwaliteitsvol modernistisch oeuvre na. Kenmerkend zijn de donkere sokkels die bestaan uit een wildverband van veldovensteen. De lichte bepleistering op de verdieping zorgt voor een helder contrast, waarbij het bovenvolume extra gearticuleerd wordt door een inspringende horizontale band, die doorloopt in de raamverdelingen. Ook de constructiewijze uit licht isolerende Durisol-betonblokken, de gevelmodules met houten blokramen en hete luchtverwarming waren vooruitstrevend.

 

Na vijftig jaar waren deze woningen aan een grondige renovatie en energetische update toe. Voor heel wat wijken uit deze bouwperiode kiest men resoluut voor vervangingsbouw of worden de bestaande woningen onherkenbaar ingepakt met een nieuwe bouwschil en voorzien van isolatie. Door de erfgoedwaarde van deze wijk moest de SHM voorzichtig omspringen met de kwaliteit van de gevelcompositie.

 

 

 

 

Beperkte wijziging van de planindeling

 

Volt-architecten uit Gent zorgde voor het ontwerp van de 30 te renoveren woningen die nog in het bezit zijn van De Meetjeslandse Bouwmaatschappij Aan het ontwerp ging een uitgebreid technisch vooronderzoek vooraf.

 

Aanpassingen aan de planindeling bleven beperkt tot het opofferen van één slaapkamer om de typische kleine badkamer te vervangen.

 

 

Renovatie met behoud van het gevelbeeld

 

Om te kunnen voldoen aan de EPB-eisen voor renovatie zonder afbreuk te doen aan het originele gevelbeeld, bedachten de architecten voor de gevelcomponenten heel wat haute-coutureoplossingen. Zo konden ze de bestaande sokkel uit veldovensteen behouden door de spouw na te isoleren met vlokken, aangevuld met een isolerende blok aan de binnenzijde. Het bleke pleisterwerk van het verdiepingsvolume verving de SHM  door een crepi op dunne platen van resolschuim met hoge isolatiewaarde. De uitspringende dakrand in beton vormde een doorlopende koudebrug.

 

 

In gelijkaardige renovaties worden zulke dakranden vaak afgeslepen tot tegen de gevel en mee ingepakt. Dat was voor deze woningen geen optie: een verhoging van de slanke dakrand met 14 cm isolatie zou de gevelcompositie zwaar verstoren. De architecten kozen ervoor om de dakisolatie vooraan tot 6 cm te beperken en pas achter de uitsprong tot 14 cm te verhogen, wat onzichtbaar is vanop de begane grond. Tegen de kopzijde en onderaan sluiten dunwandige isolatieplaten aan op de gevelisolatie.

 

De vierkante kaders in het nieuwe buitenschrijnwerk benaderen zo goed mogelijk het originele. De nieuwe vulpanelen hebben hetzelfde kleurenschema: de kleuren van verschoten asbesthoudende vezelcementpanelen tonen weer hun heldere frisheid.

 

Een klein verschil is dat de horizontale band boven de sokkel niet langer visueel doorloopt in het schrijnwerk, een vereenvoudiging uit kostprijsoverwegingen.

 

 

 

Inventaris Onroerend Erfgoed en financiering

 

De renovatiekosten bleven  beperkt tot 105.500 euro per woning  aan 82% van het  financieringsplafond FS3. Bij woningen die in de inventaris Onroerend Erfgoed staan, mogen de renovatiewerken 100% van een vergelijkbare vervangingsbouw bedragen. De status van woningen die zijn opgenomen in de inventaris Onroerend Erfgoed is niet dezelfde als die van beschermd monument. Bij restauraties probeert men de originele toestand te valideren en te bewaren, ook als dit soms betekent dat men bijvoorbeeld de bestaande enkele beglazing behoudt. Deze wijk is niet beschermd. De woningen zijn na renovatie geen exacte kopie van de originele woningen, maar behouden wel hun uitzicht en verzoenen zo erfgoedwaarde met actuele energieprestaties.

 

 

Meer informatie?

Het project is opgenomen in de publicatie ‘Thuis in erfgoed. Handleiding voor het beheer van de erfgoedwaarden in het patrimonium van de sociale huisvestingsmaatschappijen’, een handboek met heel wat goede praktijkvoorbeelden. www.onroerenderfgoed.be/actueel/ nieuws/thuis-in-erfgoed

 

Tekst: Wouter Bosmans, bouwdeskundige

Foto’s: VOLT-architecten en Emily Ampe, ingenieur studies bouw