EERSTE TELLING DAK- EN THUISLOOSHEID IN STAD LEUVEN   


“Door enkel te tellen in opvangcentra en op straat, zie je slechts het topje van de ijsberg”  


466. Dat is het aantal volwassenen die dak- of thuisloos zijn in de stad Leuven. Dat blijkt uit de grondige dak- en thuislozentelling die Leuven als eerste stad in Vlaanderen organiseerde. Die telling bracht ook andere aspecten in kaart, zoals hun gezondheidstoestand. De resultaten bevestigen de nood aan een gediversifeerd beleid en sterken de stad om nog meer in te zetten op die problematiek.  


De stad koos voor een wetenschappelijk onderbouwde telling onder leiding van prof. dr. Koen Hermans, verbonden aan LUCAS – KU Leuven. Het onderzoeksteam ging voor een point-in-timetelling. Dat betekent dat alle mensen die dak- of thuisloos zijn op één moment gescreend worden. In de nacht van 20 op 21 februari 2020 bracht het Leuvense netwerk de verblijfssituaties van 36 verschillende diensten en organisaties die werken rond thuis- en dakloosheid in kaart. Daarvoor vertrokken ze van een brede defnitie van dak- en thuisloosheid volgens de ETHOS-typologie: het idee dat een ‘thuis’ uit meerdere elementen bestaat. 

 

 

Foto toont persoon die vanachter een plastic zeil een beker omhoog houdt naar een jongeman die tegen een houten tafel leunt

 


Meten is weten 


Stad Leuven wil mensen die dak- en thuisloos zijn nog sterker ondersteunen en begeleiden. Ook de partners die actief zijn op het terrein voelden de nood en wil om mee te werken aan dit project. Zo kunnen de diensten een betere begeleiding bieden en sterker samenwerken. Omdat er geen zicht was op de grootte van de groep van mensen die dak- of thuisloos zijn, organiseerde Stad Leuven als eerste stad in Vlaanderen een telling waarmee ze in kaart werden gebracht. 


Ann Clé, beleidsadviseur Welzijn en Zorg bij Stad Leuven, bevestigt dat dak-en thuisloosheid meer is dan enkel de mensen die op straat slapen. Daar werd in het onderzoek rekening mee gehouden. 


Ann: “Het gaat ook over mensen in een onzekere thuissituatie, zoals zij die uit hun huis gezet dreigen te worden. Of mensen uit een jeugdhulpverleningsinstelling of gevangenis die nog geen zicht hebben op een woning. Een andere heel belangrijke groep zijn mensen die tijdelijk logeren bij vrienden of familie. Uit onderzoek blijkt dat die mensen vaak in precaire situaties zitten. Zij logeren vaak bij anderen die zelf heel kwetsbaar zijn. Tijdelijk logeren is dus geen duurzame oplossing.” 


Jeroen De Wilde, teamleider bij CAW Oost-Brabant: “De sterkte van dit onderzoek is dat het gehele netwerk van organisaties die in aanraking komen met de doelgroep is gemobiliseerd, ook de politie, ziekenhuizen, mutualiteiten, … Iedereen dook zijn actuele dossiers in om de woonsituaties na te gaan en te bevragen. Daardoor kregen we een heel breed zicht op de situatie. Door enkel te tellen in opvangcentra en op straat zie je slechts het topje van de ijsberg. Daaronder valt een grote groep verdoken dak- of thuisloze mensen, zoals de zogenaamde sofaslapers, mensen die noodgedwongen tijdelijk verblijven bij vrienden of familie.” 


Opvallende doelgroepen 


In de nacht van 20 op 21 februari 2020 werden in totaal 466 volwassen dak- of thuisloze mensen geteld in Leuven. De groep is heel divers, maar toont ook een aantal opvallende categorieën. 

 

 

Portretfoto van Jeroen De Wilde

 

“Voor dit onderzoek werd het gehele netwerk van organisaties die in aanraking komen met de doelgroep gemobiliseerd.”
Jeroen De Wilde, teamleider bij CAW Oost-Brabant

 


Wat opvalt in de telling is de groep jongeren. Een op vijf of 23% is 25 jaar of jonger. Aan de andere kant is een op tien ouder dan zestig jaar. Dat is volgens Ann Clé een doelgroep waar niet meteen aan gedacht wordt als het gaat over dak- en thuisloosheid.  


Ann: “Meer dan 60% van de Leuvense dak-of thuisloze mensen heeft de Belgische nationaliteit. Toch heeft ongeveer de helft een ander geboorteland. Het onderzoek toont opnieuw dat die groep minder sterk staat op het vlak van huisvesting.” Jeroen: “Het uitgangspunt in het actieplan is het recht op wonen. Een recht dat bij mensen met een onzeker verblijfsstatuut nog moeilijker te realiseren is.”  


Een andere grote groep omvat de chronisch dakloze mensen. Zij zijn al een langere periode of met tussenpozen dakloos. Vaak kampen ze met psychologische problemen en/of een afhankelijkheidsproblematiek. Voor hen zet Stad Leuven, in samenwerking met partners op het terrein, in op Housing First.  


“Het Housing First-model heeft zijn waarde al (inter)nationaal bewezen”, vertelt Jeroen. Het project is opgestart in Leuven. Op dit moment lopen er een aantal trajecten met mensen die chronisch dakloos waren en voor wie het bestaande aanbod van opvang en begeleid wonen ontoereikend bleek. Jeroen: “Die trajecten lopen goed. We hopen het project dan ook snel te kunnen uitbreiden. Geef mensen een woonst, én werk vanuit die veiligheid aan doelen die je samen opstelt. Dan lukt het ook om voor deze groep van chronisch dakloze mensen het recht op wonen te realiseren.”  


Actieplan met 90 actiepunten  


Onder meer op basis van de dak- en thuislozentelling stelde Stad Leuven samen met zijn partners een actieplan met 90 acties op. Een belangrijke schakel daarin is de aanwerving van een beleidsadviseur voor dak- en thuisloosheid.  


Ann: “In het actieplan leggen we de klemtoon op woongerichte oplossingen. Housing First is daar een voorbeeld van. Sociale huisvesting is ook een belangrijke schakel. Helaas is er een tekort aan woningen. Ook binnen sociale huisvesting is het geen evidentie om de groep van langdurig dak- en thuisloze mensen te huisvesten. De zoektocht naar kwalitatieve woningen is onze grootste uitdaging. We proberen te zoeken naar creatieve oplossingen, maar botsen op veel drempels.”  


Naast het aanbod (sociale) woningen vergroten, voorziet Stad Leuven ook preventieve woonbegeleiding om uithuiszetting te voorkomen. Nieuw in de preventieve aanpak is het overleg met de vrederechters. Zij zijn een belangrijke schakel in het voorkomen van uithuiszetting. Na een eerste positief overleg werd beslist om dat minstens jaarlijks te herhalen.  


Jeroen: “De woongerichte oplossingen zijn dé manier van aanpakken en preventief werken is het begin van onze aanpak. Daar is huisvesting voor nodig die stabiliteit en kwaliteit biedt én betaalbaar is. Dat is in Leuven, net als in andere centrumsteden, moeilijk. Er is een schaarste binnen sociale huisvesting, ondanks systemen voor versnelde toewijzing en de mogelijkheid om doelgroepenplannen op te maken. Er zijn zoveel noden dat het een opbod wordt. We vrezen daarom ook voor de gevolgen die de hervormingen binnen de sociale huur zullen hebben op dak- en thuisloze mensen.”  


Ann: “We hopen dat er binnen die hervormingen ook rekening wordt gehouden met de noden van de meest kwetsbaren, waar dak- en thuisloze mensen toe behoren. Dat is net de groep voor wie sociale huisvesting vaak de enige manier is om aan een duurzame woonst te raken.”  


Creatieve oplossingen  


Stad Leuven zoekt lokaal naar creatieve oplossingen. Zo werkt het samen met het Autonoom Gemeentebedrijf Stadsontwikkeling Leuven (AGSL) en richt het een ‘woonpunt’ voor huurders en verhuurders op.  


Ann: “We werken specifek voor Housing First experimenteel samen met AGSL. Zij treden op als tussenpersoon bij private huurcontracten. Lokaal zijn al goede stappen gezet, maar er is samenwerking nodig op alle niveaus.”  

 

 

Portretfoto van Ann Clé

 

“Het engagement rond de telling is ongezien. Het leeft op alle niveaus in Leuven.”
Ann Clé, beleidsadviseur Welzijn en Zorg bij Stad Leuven

 

 

Jeroen: “Met de oprichting van een woonpunt kunnen we hopelijk ook een verschil maken. Het moet een plek worden waar alle expertise rond huren en verhuren samenkomt. Een plek waar je van A tot Z wordt bijgestaan.”  


Geëngageerd netwerk  


In 2023 vindt opnieuw een telling plaats. Een evaluatie van het actieplan is er nog niet, maar er is meer aandacht dan ooit voor dak- of thuisloze mensen in Leuven.  


Jeroen: “We merken dat er zich een multidisciplinair netwerk vormde waarbij iedereen zich inzet voor de doelgroep. Door mensen samen te brengen, versterk je elkaar.”  


Ann: “Het engagement is ongezien. Er zijn ook veel initiatieven van geëngageerde burgers die nadenken over hoe ze het actieplan kunnen ondersteunen. Het leeft op alle niveaus in Leuven. Die mentaliteitsverandering is zeker ook een van de gevolgen van de telling.”  


Jeroen: “We moeten realistisch zijn, in 2023 gaan we niet nul dak- of thuisloze mensen tellen. Maar de ambitie is er om de dak- en thuis-loosheid te beëindigen.” 



Tekst: Lieselot Laureyns, directeur communicatie en beleid, en Kiara Dekoninck, projectbeheerder personeel & hrm 
Foto’s: stad Leuven, CAW Oost-Brabant, Philippe Swiggers 

Ook dak- of thuisloze mensen tellen in je gemeente? Ann en Jeroen gaven deze tips.  

  1. Zet in op participatie van dak- en thuisloze mensen. Hun inzichten en beleving kunnen een extra perspectief bieden.
  2. Laat je begeleiden door een onafhankelijke onderzoeksinstantie zoals een universiteit.
  3. Betrek een zo groot mogelijk netwerk en denk niet enkel aan de meest voor de hand liggende partners.
  4. Vertrek vanuit ETHOS-categorieën. Tel niet enkel de mensen die in de openbare ruimte slapen.
  5. Echte levensverhalen vertellen meer dan cijfers alleen.   

Grootschalige monitoring 

Leuven is de eerste stad in Vlaanderen die een dak- en thuisloosheidstelling organiseerde. Op vraag van de Koning Boudewijnstichting telden LUCAS – KU Leuven en de ULiège in samenwerking met de lokale besturen en organisaties de dak- of thuisloosheid in de provincie Limburg en de steden Gent, Aarlen, en Luik. Die tellingen vonden eind oktober 2020 plaats. In oktober 2021 wordt er opnieuw geteld in vier andere steden/regio’s. De Koning Boudewijnstichting pleit voor een grootschalige monitoring van dak- en thuisloosheid en een gecoördineerd beleid. 


Meer informatie lees je op www.dakenthuisloosheid.be